Google +1

Kandinsky & Franz Marc in de Blaue Reiter

een dialoog in beelden, binnen de moderne kunst; voor o.a. ckv, hbo. hovo

door Fons Heijnsbroek; voor o.a. CKV, HOVO, HBO)


Ongeveer honderd jaar geleden heeft er een uiteenzetting tussen Kandinsky (quotes van Kandinsky) en zijn kunst-vriend Franz Marc (citaten van Franz Marc) plaatsgevonden; een uitwisseling tussen twee kunstenaars die van doorslaggevende betekenis is geweest voor de ontwikkeling van de abstracte ofwel in die tijd graag genoemde 'Concrete' kunst. Er bestaat geen verslag van deze fundamentele uiteenzetting. Wellicht is zij niet eens uitgesproken en zeker niet uitgeschreven. Wél is door indirecte citaten te achterhalen dát zij heeft bestaan, met name in de innerlijke gedachtes van Franz Marc zelf én in summiere citaten uit dialogen met enkele van zijn kunstenaarsvrienden.


Aan de ene kant van de uiteenzetting - waar dit artikel zich op richt - staat het bijna extatische verlangen van Franz Marc om zich in te leven in de hem omringende werkelijkheid en deze van binnenuit te intensiveren. Zo wil Franz Marc via de kunst tot een nog sterkere werkelijkheidswaarde komen. Dat is zijn opvatting over de manier waarop aan het ‘wezenmatige en het dingmatige uit de ons omringende schepping zijn eigen, wezenlijke element terug te geven’ is. Niet door wezen of ding naar zijn wezenstrekken te ontleden of te analyseren (= afstand nemen en opsplitsen / opdelen), maar juist door de eigenheid van wezen of ding, vanuit het binnenste van het ding of wezen zelf, nog uitgesprokener te maken dan het zich in de gewone werkelijkheid voordoet. De kunstenaar Franz Marc maakt zich ondergeschikt aan de schepping; hij kruipt in de huid van de schepselen en van daaruit probeert hij de elementen van de schepping nog wezenlijker, nog uitgesprokener, nog meer in overeenkomst met hun innerlijke bestaan tot hun recht te laten komen. Zo wil hij ze slechts verbeelden.


Enkele citaten van Franz Marc als illustratie van dit verlangen:

'Is er wel een geheimzinniger idee voor de kunstenaar dan je voor te stellen hoe de natuur wordt weerspiegeld in de ogen van een dier? Hoe ziet een paard de wereld, hoe een egel, een hert of een hond? Het is een armzalige gewoonte om dieren in een landschap te plaatsen zoals ze door de mens worden gezien. In plaats daarvan zouden we moeten denken over de ziel van de dieren om hun manier van zien te raden....'

'Heeft het wel zin om een appel te schilderen samen met de vensterbank waar hij op ligt? Als je zegt, het is het vraagstuk van 'atmosfeer en vlak' dan rolt het concept 'appel' al gauw in de berm naast de weg… Maar wat als we de (echte) appel willen schilderen, de prachtige appel? Of het hert in het bos, of de eikenboom? Wat heeft het hert gemeenschappelijk met het bekijken van de wereld zoals deze aan de mens verschijnt?'


In een brief in de jaren 1913/14 aan een kunstenaars-vriend, over het streven en werken van zijn vriend en kompaan Kandinsky, schrijft Franz Marc aan Macke:

'Kandinsky achtervolgt deze waarheid met passie, en ik houd daarom van hem. Je hebt misschien gelijk als je zegt dat hij als persoon niet sterk en zuiver genoeg is, en dat zijn gevoelens daardoor algemene deugdelijkheid ontberen en slechts gericht zijn op sentimentele hypersensitieve romantiek, maar zijn pogingen blijven prachtig: zij tonen een grootsheid in eenzaamheid....'


'Het is tekenend voor onze beste schilders dat zij de levende wezens als onderwerp vermijden. Zij draaien het predikaat van het stilleven om. Het omkeren van het predikaat van levende dingen blijft (echter) een onopgelost probleem. Kandinsky houdt hartstochtelijk van alles wat leeft, maar om zijn artistieke vorm te vinden verandert hij het in een schema.'


Het is met name de jonge en sensitieve Franz Marc die zich de grote tragiek realiseert in het hart van de moderne Europese schilderkunst. Een tragiek die zich bijvoorbeeld niet voordoet in de Aziatische kunst, omdat daar een bepaalde mate van ongebrokenheid bestaat. In de Europese kunst van zijn tijd daarentegen onderkent Franz Marc het dominante verlangen en de dwingende noodzaak om zich als kunstenaar te bevrijden van het dictaat van de alledaagse werkelijkheid. Nog langer negeren van deze noodzaak leidde onvermijdelijk tot de sentimentaliteit van het impressionisme, de pathetische verheviging van de Art Deco of de barokke overspannenheid en het individuele pathos van kunstenaars als Corinth. Ook Malevich in Rusland onderkende deze noodzaak evenals Mondriaan in Nederland, die op zijn beurt in zijn jonge schilderjaren dreigde onder te gaan in een sentimenteel laat impressionisme.


Franz Marc onderkent, heel realistisch, dat de weg van de abstractie de enige zich voordoende weg is in de moderne kunstwoelingen van zijn tijd. Maar hij onderkent met zijn sensitieve instinct twéé verschillende motieven om tot de verlangde abstractie te komen!! Het ene motief herkent hij als het aloude verlangen tot abstractie dat zich reeds voordeed bij de oermens. Hierin loopt hij vooruit op de wél uitgesproken vermoedens van de Amerikaanse abstracta-expressionistische schilders uit de jaren na 1943.


Franz Marc schrijft hierover:
'Ik kreeg ineens een vreemd idee, het zette zich als een vlinder op mijn open hand, de gedachte dat lang geleden mensen al eens eerder, zoals alter ego’s, van abstracties hielden zoals wij nu doen. Veel objecten, weg gestopt in onze musea, kijken ons aan met vreemd verwarrende ogen. Wat maakte ze mogelijk, die producten van pure wil tot abstractie? Hoe kan iemand zulke abstracte gedachten hebben zonder onze moderne methodes tot abstract denken?'


Heel scherp onderkent Franz Marc het abstractieverlangen binnen de moderne vleugels van de Europese kunst als een wezenlijk ander abstractieverlangen, dat sterk samenloopt met het denken. Verbeelden en denken lagen in die tijd bij de moderne kunstenaars dicht bij elkaar; ze waren onverbrekelijk verbonden, waarschijnlijk omdat de taal toen de beitel was voor het kunnen splijten van de traditionele beelden. Ook Franz Marc uit zich in taal, maar met een geheel andere inzet. Al jong wist hij een bewustzijn overeind te houden zonder de neiging om aan te klampen bij analytische standpunten van kubisten of analytische theorieën van bijvoorbeeld Kandinsky, Mondriaan, Dada of Malevich. Franz Marc onderkent blijkbaar al vroeg intuïtief het grote verschil tussen het aloude abstractieverlangen en de abstractie in de tweede tendens, die de abstractie is van zijn eigen tijd:
'Ons Europese verlangen naar abstractie is niets anders dan sterk bewuste, naar actie hongerende vastberadenheid om de sentimentaliteit te overwinnen. Maar die vroege (prehistorische, fh) mensen hielden van abstractie (al) voordat ze sentimentaliteit waren tegengekomen....'

'De kunst van dit tijdperk (na 1910, fh) zal ongetwijfeld diepe overeenkomst vertonen met de kunsten uit het verre verleden, uit de primitieve tijden, maar (dan) zonder de formalistische benaderingen die sommige gevoelloze anarchisten nu uitproberen.'


Natuurlijk gebruikte ook Franz Marc een denkschema waarin hij de dagelijkse werkelijkheid onderscheidt van de wezenlijke innerlijke binnenkant van de wezens en de dingen: Het is een tegenover elkaar stellen vanuit het platonische denken, waaraan geen westerse sterveling toen kon ontkomen. Het volgende citaat maakt dit duidelijk:
'Alles heeft een verschijning en een essentie, schelp en inhoud, masker en waarheid. Wat zegt het tegen de innerlijke bepaaldheid van de dingen als we de schelp bevoelen met onze vingers zonder de inhoud te kennen? Als we met verschijning leven in plaats van de essentie te bereiken en het masker van de dingen ons zo verblindt dat we de waarheid niet kunnen vinden?'


Slechts door zijn dierenschilderijen, in combinatie met enkele citaten, kunnen we vermoeden wat Franz Marc meende als een eigen individuele weg binnen de abstracte kunst gevonden te hebben, kort voordat hij de oorlog introk. Het is een waanzinnige ironie dat een bestiale oorlog een teer en intuïtief inzicht moest afbreken binnen de Europese kunst, op dezelfde manier waarop deze oorlog de tere adem afbrak van miljoenen jonge levens. Nog steeds kunnen we nauwelijks bevroeden wat de impact van deze gigantische, ongerichte slachting is geweest op het denken en ervaren binnen West-Europa. Waar een perfide tweede wereldoorlog zich bovenop zou nestelen! Is er een grotere verbijstering en breuk mogelijk in denken en in voelen? Ongetwijfeld wist na de vrede van 1945 het collectieve Westerse ervaren zich geen raad meer in zijn continuïteit en in de verbondenheid met zijn eigen oorsprong. Dat is een geheel ander verhaal, met nog grotere gevolgen voor de ontwikkelingen in de abstracte kunst, maar het latere gebrekkige begrip van Franz Marcs kunstoriëntatie staat daar volgens mij niet los van.


Franz Marc geeft ons slechts cryptische aanduidingen over de bron van zijn gevonden ''weg tot abstractie'', samen met een terloopse, emotionele aanduiding van een persoonlijke crisis waaruit dit bewustzijn voortkwam:
'Toen ik jong was vond ik mensen er 'lelijk' uit zien; dieren leken veel mooier en zuiverder. Maar toen ontdekte ik in hen ook zo veel dingen die lelijk en wreed waren en instinctief door een innerlijke dwang werd mijn manier van afbeelden meer schematisch, meer abstract.'


Vanuit aanduidingen naar deze persoonlijke geschiedenis wordt echter de radicale sprong gemaakt naar een veel algemener bewustzijn:

'Mijn instinct heeft me tot nu toe niet slecht geleid over het algemeen. Ik bedoel met name mijn instinct dat me heeft weggehouden van mensen met hun voorliefde voor beestachtigheid, de "pure beesten.…".

 Een ander instinct bracht me van de dieren naar abstracties, wat me zelfs verder bracht. Het bracht me tot het tweede inzicht, even tijdloos als de inzichten van India waarin de levende gevoelens in hun zuiverheid schijnen.'


Veel kunstenaars binnen de abstraherende vleugel verbonden zich indertijd met theosofie en andere spirituele tradities. Het geheim van de Gouden Lotus', vertaald door Wilhelm en ingeleid door Jung had een ongekend en uitdagend succes in de intellectuele kringen van West Europa. Veel mensen praktiseerden de duister vertaalde stellingen van De Gouden Lotus, andere slecht vertaalde meditatieoefeningen of de theosofische verkenningen van mevrouw Blavatsky. Veel kunstenaars kozen op grond van hun spirituele wending naar de oosterse, gnostische of christelijke inzichten voor een select aantal basiselementen van de schilderkunst - kleur, vorm, verhouding, symbool, perspectief - om deze analytische elementen te gebruiken als werktuig tot het bereiken van puurheid, zuiverheid of nieuwe vormgeving van oude symboliek. Voor Kandinsky met name en door zijn publicatie was zijn invloed ongemeen groot, tot ver in de Nederlandse avantgarde, zoals voor een schlderes als Jacoba van Heemskerck of Jacob Bendien., hoewel dit spirituele element later in Kandinsky's schilderkunst veel minder sterk domineerde; zie tijdens zijn Parijse periode bijvoorbeeld.


Het lijkt erop dat Franz Marc in staat was om temidden van deze verwarrende, spirituele bewegingen de 'dingen en de dieren' uit de dagelijkse werkelijkheid in hun geheel te blijven benaderen. Hij hoefde blijkbaar niet de verschijningsvorm van de listige, dagelijkse werkelijkheid met een analytische agressie af te schillen ( 'strip', zouden de abstracta-expressionisten later gaan zeggen, om hun verlangen en praktische strategie voor het bereiken van de kern, het naakte bestaan van de dingen, uit te drukken en te bevredigen). Franz Marc bezat een mentale vrije ruimte waarmee hij een bewustzijn wist op te brengen en te verdragen, waarin het ondraaglijke verlangen naar contact niet dwangmatig tot de stereotype, analytische woede van de 'analyse' hoefde te leiden. Hij bezat blijkbaar een vrijruimte waarin hij op een meer 'holistische' wijze kon zoeken, en het wezen, de innerlijkheid van de dieren en de dingen concreet kon benaderen. Het is vermoedelijk een innerlijke vrije ruimte die overeenkomst heeft met de Aziatische vrije ruimtes, zowel boeddhistisch, taoïstisch en hindoeïstisch, waarin onderscheid maken tussen zichzelf en de dingen van de schepping kan plaatsvinden binnen een zeker mededogen, een laag van liefde waardoor de ontstane haat, opgeroepen vanuit het felle gemis aan contact met de oorsprong van alles (de groeve, de spleet, het gat), niet onvermijdelijk omslaat in meedogenloos analyseren. Ook bij de latere Bram van Velde is een vergelijkbare westerse variant op deze 'oosterse' vrije ruimte te onderkennen, moeizaam veroverd in een individueel doorleefd, innerlijk leven. Waar bijvoorbeeld Motherwell deze genoemde meedogendheid in een veel directere relatie tot het Zenboeddhisme kon verwerven in de oosterse uitstraling van na 1960.


Tot zover de holistische en wonderlijke abstractiebenadering van Franz Marc, die zich met zijn frisse eigenheid niet verder heeft kunnen nestelen binnen de moderne abstracte schilderkunst. Door de vroege dood van Franz Marc bleef deze pril in zijn bestaan. Bijna onopgemerkt is zijn benadering vervolgens ge-sandwiched tussen de kracht van het analytisch kubisme en het religieuze verlangen van de dogmatische, abstracte benaderingen, zoals de kunstenaars van de 'Nieuwe Beelding' en van het Bauhaus; die het ultieme platte vlak zagen als lichtend ideaal en als enig toelaatbaar toneel van een moderne kunst.


Het verlangen naar de dingen, de beesten en de mens is echter hardnekkig, ook in de kunst. Het wordt immers voortdurend door het leven zelf opgeroepen. Na 1945 deden zich nieuwe aanzetten voor, zoals in het werk van een kunstenaar als Gerrit Benner die opteerde voor dezelfde directheid van de aanwezigheid van de wereld in de kunst als Franz Marc deed.
Ook Leger is wellicht te zien als iemand die, na zijn kubistische periode, een zelfde heelheid en totaliteit heeft benaderd als Franz Marc voorstond, maar dan binnen een 'kubistische' taal. Bram van Velde, met zijn dingmatige kunst en zijn steun vanuit de stillevens van Matisse, opteerde wellicht voor eenzelfde heelheid. Bij alle drie de kunstenaars wordt het platte vlak als schouwtoneel van de zuivere, formele elementen vermeden omdat het leven deze steriele wand overwint.


Fons Heijnsbroek voor citaten van Franz Marc en Kandinsky zie Wikiquote Nederland

e>

gaan naar de home-page" border="1" class="omlijn">

');