over A.M. Hammacher, zijn biografie vol met tijd

- van de biograaf Peter de Ruiter -

Fons Heijnsbroek


De actieve, dynamische Hammacher met zijn vele contacten

't Is treurig. Dan verschijnt er in Nederland eindelijk eens een degelijk kunsthistorisch boekwerk met zwarte kaft en dan ligt het anderhalf jaar na verschijning al in de ramsj. Ik heb het over de biografie 'AM Hammacher, Kunst als levensessentie'. In deze dikke biografie geeft biograaf Peter de Ruiter via de levensloop van kunstcriticus en museumdirecteur A.M.Hammacher een dwarsdoorsnede van het Nederlandse kunstleven van voor en na WO II. De actieve dynamische Hammacher met zijn vele contacten is bij uitstek de geschikte persoon hiervoor. Anekdotes en feitelijkheden worden niet geschuwd, waardoor het boek stevig gegrondvest blijft in de levensloop van Hammacher, binnen het Nederlandse kunstleven van die tijd.

Ik heb deze kunstperiode van rond de oorlog nooit zo goed kunnen invoelen en vaak met gemengde gevoelens haar kunstproducten bekeken. Ik mis er meestal de helderheid en de ruimte, die bij latere schilders als Benner of Fernhout wel gaan ontstaan. Alleen al die onverwoestbare populariteit van de Bergensche School in die jaren; als dat ons levendige Nederlandse Expressionisme moet zijn, maakt me dat nogal treurig (ik heb het hier niet over de Ploeg). Maar samen met dat broeierige verfgesmeer staan er in diezelfde tijd de glasheldere werken van Charley Toorop en Piet Mondriaan. Daar doorheen zwerven uitgesproken eenlingen zoals de melancholieke Herman Kruyder en de fijnzinnige evenwichtskunstenaar Dick Ket. Heftigheid en beheerstheid maken in deze tijd een rondedans die mij nogal verwart.Peter de Ruiter helpt me met zijn lijvig onderzoek om de kunstperiode van rond de oorlog enigszins in kaart te brengen. Niet dat daardoor de verwarring verdwijnt, maar ik krijg er wel meer greep op met zijn boek. Het maakt deze periode voor mij meer invoelbaar.

Geen helderder en lichter geluid dan Jacob Bendien

Wat het boek me zomaar cadeau heeft gedaan is de ontdekking van Jacob Bendien. Bendien schittert zo opvallend in de eerste helft van het boek, dat ik voor duur geld zijn 'Richtingen in de hedendaagse schilderkunst'(1935) uit het antiquariaat ben gaan halen.Geen spijt gekregen, want er bestaat over de Nederlandse kunst uit de eerste helft van de 20ste eeuw geen helderder en lichter geluid dan dat van Jacob Bendien. Waarschijnlijk is hij de reddingsboei geweest voor de naar duistere gronden neigende Hammacher maar ook voor andere kunstenaars, die niet voor niets kind aan huis waren bij de ziekelijke kunstenaar, omdat zij goed aanvoelden wat voor zuivere voeding daar te vinden was. Dat is kort gezegd de essentie van Jacob Bendien: zuiver en ondogmatisch zoeken naar het evenwicht. Een voorbeeld: in zijn boek 'Kunstrichtingen' begrijpt hij de schilder Piet Mondriaan zo goed (hij keek dagenlang naar Mondriaans schilderijen) dat hij deze in zijn uitstekende artikelen in bescherming kon nemen tegen de dogmatische schrijver Piet Mondriaan. Maar daarover een andere keer.

Van de biografie van Peter de Ruiter zouden eigenlijk 10.000 exemplaren verkocht moeten zijn En het had gewoon vijf jaar op de plank van de boekhandel gegund moeten zijn, want dit soort werken loopt in ons land niet zo hard. Bij onze buren ligt dat anders; daar houdt men van eigen geschiedenis en eigen kunst. En wij, wij houden van kopen en verkopen, zodat het wat schuift.

Fons Heijnsbroek