REISVERHAAL over 'De baggermachines van Ferropolis', te Lausitz in Oost Duitsland

reisverhaal van Els Bannenberg


Gelukkig bestaat Duitsland niet alleen uit barokkerken en boerenhoeven met geraniumbalkons. Wie even doorrijdt naar het oosten om een beetje uit de popperigheid te raken wacht een macht aan bezienswaardigheden op technisch gebied in het voormalige Oost-Duitsland dat ook bekend staat onder de naam der Lausitz.

Bruinkool en energie

Hoewel ook vlak over onze grens met Duitsland nog steeds bruinkool wordt gewonnen voor de opwekking van elektriciteit, is dit in het oosten van Duitsland altijd een veel grootschaliger aangelegenheid geweest en is het nog steeds aan de gang. Hele gebieden ten zuiden van Dessau en rond Leipzig veranderden van boerenland in maanlandschap en daarna weer in recreatiegebied. Hele dorpen werden hier de afgelopen eeuw verzwolgen, overigens net als vlak over de grens tussen Sittard en Keulen. Hierdoor ontstond in dit laag gelegen land, dat doorsneden wordt door tientallen rivieren die allen uitmonden in de Elbe, een lappendeken van grote en kleine meren. Doordat de werkzaamheden nog steeds plaats vinden kunnen wegen ook ergens anders liggen dan de recente wegenatlas aangeeft! En de tientallen spoorwegen die men kruist staan al helemaal niet op de kaart omdat ze slechts van groeve naar krachtcentrale lopen. Dit gebied dreigde in 2002 dan ook geheel onder te lopen toen door overvloedige regenval in Tjechië eerst de Elbe Dresden onder water zette en daarna de regen maar niet wilde ophouden.

Overal in de verte hangt in de lucht het gegrom van baggergiganten. Het open beleid van de republiek Duitsland voorziet tegenwoordig regelmatig in uitkijkplekken met informatieborden over deze werkzaamheden. Hoe dit voor de Wende was weet ik niet. Maar ik vrees dat interesse toen niet op prijs werd gesteld. De ene keer zie je een woestijn, de andere keer een uiterst efficiënt ingericht bedrijf met lopende banden van kilometerslengte en automatisch werkende machines. Vaak kun je tot de horizon een maanlandschap bekijken met schitterende graafmachines die mij doen denken aan driemasters ver aan de horizon op zee. Een verrekijker is absoluut noodzakelijk en ook een gepantserde ziel die milieuvragen even in de ijskast zet. Het helpt je te bedenken dat de milieueisen van de EG vast beter en strenger zijn dan die van de voormalige DDR.

Deze grote verstoorde landschappen zijn niet meer of niet meteen opnieuw geschikt voor landbouw. Daarom maakt men er recreatiegebieden van of wordt er een pretpark gevestigd. Er kan in deze omgeving dus volop gezeild en gezwommen worden. Bodemvondsten uit de locaties neergelegd worden vaak bij de bezoekersplaatsen neergelegd. Denk daarbij aan reusachtige zwerfkeien van Noors graniet uit de ijstijd en kolossale delen van versteende bomen van diverse soorten. In dit landschap van grootschalige bruinkoolgroeves en nieuwe industrieën kom je soms ineens een oud dorpje tegen als je even een kleine weg inslaat. Bijvoorbeeld Profen langs de B2 ten zuiden van Leipzich en Pegau langs de rivier de Weisse Elster. Als een aanbouwsel aan het oude dorpje is er soms een vijftigerjaren wijkje, vaak aan de ander kant van de weg, als het ware geplakt aan de ingang van de mijn. Het kan bestaan uit een paar betonnen bouwblokken flats rond een grasveld. Er zijn nog sporen van winkels die er nu niet meer zijn. Er is een verenigingsgebouw, maar geen kerk. Met een beetje geluk is er nog een kroeg waar tussen de middag ook gegeten kan worden en op dat moment kom je de oude mensen tegen die er achter gebleven zijn. Schuif aan met je koffie, want jij bent pas net opgestaan, en ze vertellen je hoe blij ze waren toen ze in de vijftiger jaren een flat kregen en konden trouwen. Hoe ze feesten hadden in het verenigingsgebouw dat nu omgebouwd wordt voor een it-bedrijf. Dat de straten nu open liggen voor kabels en dat die puinhoop straks bestraat wordt terwijl ze altijd van aangestampte slakken waren. Dat hun kinderen goede banen hebben in Berlijn en in het westen en hun DDR-pensioen helaas niet welvaartsvast was. Zodat ze hier niet meer weg kunnen komen en dat de bus ook al minder vaak rijdt. En hoe het werk in de bruinkool was. Ze zitten boordevol verhalen en wie van dichtbij wil zien hoe dat toen ging moet naar Ferropolis gaan.

Ferropolis

In een uitgestrekt gebied ten oosten van Dessau en ten zuiden van Wittenberg-Luhterstadt (ja, van die Luther) ligt de plaats Gräfenhainichen. Langs de B107 naar Oranienbaum vlak voor Jüdenberg lag vroeger het gat Zschiesewitsch waarnaar de mijn destijds genoemd werd. Dit gebied is afgegraven en de kuil laat men langzaam vol water lopen om een reusachtig recreatiemeer te maken, de Gremminer See. Op een schiereiland in dit meer is een openluchtmuseum ingericht over de vroegere mijnbouw (Tagebouw, dagbouw in het Nederlands, is een open groeve) in dit gebied. Uiteraard staat hier ook enkele oude baggermachines van diverse soorten en afmetingen geparkeerd. Daartussenin is ook een reusachtig openluchtpodium voor popconcerten ingericht die daar regelmatig gehouden worden.

reisverhaal over de gigantische baggermachines


De vijf gigantische baggermachines van Ferropolis zijn oude modellen die al buiten gebruik zijn maar in hun nabijheid voel je je een dwerg. De schoepen van zo’n machine zijn makkelijk twee maal manshoog. (De nieuwere machines die nu in gebruik zijn hebben overigens bakken die niet onder doen voor een kamer in een studentenflat.) Daarnaast staan nog meer oude machines en is er een wagenpark van railvoertuigen die allemaal iets te maken hadden met dit soort bedrijf, zoals railbouwmachines. Die grote baggervoertuigen stonden op rails en moesten eens in de zoveel tijd ook verplaatst worden naar een nieuwe locatie. Met enkele daarvan kan men meerijden zoals in een dubbeldekker van DWA die echter nooit in productie is genomen. Wanneer je hier met een tram- of treingek bent kom je niet meer weg. Er rijdt zelfs een kittige rode Barkas (denk hierbij aan een Ostblok VW op rails). In een van de gebouwen is een expositie over de methode van bruinkoolwinning en de arbeidsomstandigheden waaronder gewerkt werd.

Er lopen een paar gepassioneerde oud-mijnwerkers rond om uitleg te geven. Je merkt hoe trots ze nog zijn op het werk dat ze deden. Wat de meeste indruk op mij maakte was dat er onder àlle omstandigheden gewerkt werd, ook als het gebied, getuige de foto’s, in een Siberische winter gedompeld was. En dat er ook vrouwen als machinist op zo’n reus werkten. Potige tantes waren dat. Iedereen moest afhankelijk van de locatie door de bagger naar het werk lopen, wat soms wel een half uur kon zijn. Een plee was er natuurlijk niet. Zie je het voor je, in die Siberische winter? Uit de verhalen blijkt ook wel dat het vaak afzien was.Neem er een halve dag of meer de tijd voor om alles te bekijken en te lezen en vooral om het tot je door te laten dringen. Want wat weten wij Nederlanders nu nog van mijnbouw? Die tijd is bij ons al zo lang voorbij. Ik kan me er als kind wel wat van herinneren omdat ik in de mijnstreek opgroeide, maar daar was het na 1965 ook wel voorbij.

Wie na een reis verhaal wil houden door dichtbij te kamperen kan in deze omgeving makkelijk een camping vinden aan het water. Onder andere langs de B100 in Bergwitz ligt er een aan een meer. Er komen hier veel Ossies. Naaktzwemmen (FKK) is normaal voor èlke leeftijd, maar niet verplicht.Als je je vooroordelen kunt laten varen is dit een hele interessante streek in Duitsland. Erfurt, Weimar, Jena, Leipzig en Wittenberg zijn interessante steden voor wie behalve litterair is aangelegd ook met een technisch oog wil kijken. Veel steden hebben een trambedrijf, zoals Halle. Naumburg is een prachtig stadje waar Nietsche heeft gewoond ( museum) en waar in de plaatselijke kerk op zaterdag lunchconcerten worden gegeven op het orgel dat Bach nog op toonhoogte heeft ingesteld en bespeeld heeft.

In Apolda ( ten noordoosten van Weimar) bevindt zich achter het kleine Museum voor Moderne kunst een DDR-museum waarin het dagelijks leven van de burger uitgebeeld wordt aan de hand van spullen en stijlkamers uit de jaren ’70. Heel benauwend voor ons, maar daarom niet minder interessant. Mij viel de afwezigheid van kleuren op, behalve in een schoolrooster. Nou ja, er waren wel kleuren maar overal lag voor mijn gevoel een grauwsluier overheen. Neem tenslotte de kans waar om nog in een werkende paternosterlift te stappen in het gemeentehuis van Görlitz. In deze prachtige stad zijn bijna alle middeleeuwse huizen die gespaard gebleven voor bombardementen omdat het net buiten het bereik lag van de bommenwerpers van de geallieerden terwijl er wel een belangrijke railvoertuigenfabriek gevestigd was ( DWA). In deze stad bevindt zich ook een ouderwets warenhuis, Kaufhof, met een heel mooi glas-in-lood plafond. Zo zie je ze niet vaak meer. Ik hoop dat het nooit gemoderniseerd wordt. En let op de ooievaars in dit waterrijk gebied! Elk dorp heeft wel een paartje op een nest. Vergeet ook vooral niet te eten. Men houdt hier van gut bürgerliche Küche en men eet warm tussen de middag und ganz billig.

©Els Bannenberg juni 2005.

Meer informatie over Ferropolis;

www.ferropolis-online.de
http://www.graefenhainichen.de/ferrop.htm
http://www.fbe-bahn.de/
http://www.bergwitzsee.de/ferropolis.htm

Voor de liefhebbers is er in 2004 een boek uitgebracht met de titel: “Giganten im Erd- und Tagebau, faszination Baumachinen”, van Henz-Herbert Cohrs en Rainer Oberdrevermann. ISBN 3-613-02395-4